Sinds juni 2020 wordt er hard gewerkt aan de verdere uitwerking van het Schetsontwerp ‘hoogwaardige fietsroute F50, Apeldoorn – Epe’ naar een Voorlopig Ontwerp. De verdere uitwerking wordt in nauw overleg afgestemd met de klankbordgroep, aanwonenden en andere direct betrokkenen. Zo ook het deel van het tracé in Epe tussen de N309 en de Kweekweg.

Verkennend onderzoek
Aansluitend op vragen vanuit onder andere de bewoners van de Europalaan in Epe heeft de gemeente Epe een verkenning laten maken. Deze verkenning is uitgevoerd door Royal HaskoningDHV (RHDHV) en richt zich op kansrijke tracés tussen Epe en Heerde. Zij onderzochten welke mogelijke routes door Epe richting Heerde het beste aansluiten bij de doelstelling van een hoogwaardige fietsroute én het meest kansrijk zijn.

Drie mogelijke tracés
Uit deze verkenning komen drie mogelijke tracés of routes naar voren. Deze drie tracés liggen tussen N309 en de Kweekweg als voorlopig eindpunt van de F50 Apeldoorn-Epe, zie hieronder afbeelding 1. Op 27 januari zijn de eerste resultaten van de verkennende studie gedeeld met de direct betrokkenen. Deze eerste resultaten bevatten de drie mogelijke tracés. Op 17 maart zijn de uitkomsten van dit rapport gepresenteerd tijdens een online bijeenkomst. Hiervoor zijn de bewoners van de Europalaan en omstreken uitgenodigd. De bewoners konden tijdens de digitale bijeenkomst vragen stellen. Ook was het mogelijk om na afloop van de bijeenkomst te reageren en schriftelijk vragen te stellen. Uiteindelijk heeft gemeente Epe ongeveer 450 vragen ontvangen.

Vier hoofdvragen
Vanwege het grote aantal vragen, kost het veel tijd om deze allemaal te beantwoorden. Bovendien is het nu nog niet mogelijk om alle vragen inhoudelijk te beantwoorden. Dat komt doordat we op dit moment op diverse onderdelen nog werken aan het voorlopig ontwerp (VO). Kijkend naar alle vragen komen vier onderwerpen regelmatig terug. Deze vier hoofdvragen plus antwoorden én de drie mogelijke tracés zijn te vinden via deze link. We verwachten in september voldoende informatie te hebben voor de beantwoording van de 450 individuele vragen.