Vaassen – Vorige week donderdag kwam ballonvaarder Sebe Kruijer weer in Vaassen aan. Terug van 17 dagen ballonvaren op het Noorse eiland Spitsbergen.

Met crewleden Taco Hoppener en Harry Wessels en co-piloot Jan Oudenampsen verbleef hij ruim twee weken in Longyearbyen, de enige nog bewoonde nederzetting (2500 inwoners) op Spitsbergen, om daar te ballonvaren. De gasten in de mand kwamen onder meer uit Singapore, Zuid Afrika, Thailand, etc.. Onder hen ook de Nederlandse ambassadeur van Sri Lanka.

Tot 2011 voer Sebe Kruijer met zijn eigen ballonnen vanuit Vaassen. Na de verkoop van zijn ballonnen is hij actief als freelance-piloot. Vijf jaar geleden behaalde hij een Deens vaarbrevet en sindsdien is hij jaarlijks twee maanden in dat land actief voor Dream Balloonning, het grootste ballonbedrijf in Denemarken.
Dat land heeft nog maar een korte ballonvaartgeschiedenis. Er zijn slechts 25 piloten. Dream Ballooning kreeg het verzoek om 2 maanden op Spitsbergen te komen ballonvaren. Die kans greep Sebe met beide handen aan. Na eerdere ballonavonturen in India, Taiwan, Oostenrijk en Italië.

Op Spitsbergen wisselden de vier piloten van het bedrijf elkaar na twee weken af. Het bedrijf Spitsbergen Adventures regelde de passagiers.

Sebe: “De ballon (OY-OOP) waarmee we daar de lucht in gingen, is gemaakt in Tsjechië (van Polyester) en was voorheen van een ballonbedrijf in Deventer en heeft de kleuren van een circustent. Polyester neemt bijna geen vocht op en dat is een belangrijk voordeel in een extreem koude omgeving. De temperatuur op Spitsbergen was rond de 20 graden onder nul, maar door de wind is de gevoelstemperatuur nog veel lager. Vandaar dat we thermo-ondergoed aan hebben, dan skikleding en daaroverheen nog een aparte warmte overall aanhadden”.

Op Spitsbergen kan alleen in de winter worden gevaren. Alleen dan mag er met snowscooters over de sneeuw worden gereden. Maar in de winter komt de zon 2 maand niet op, dus is de beste periode tussen de winter en zomer in. Na 18 april gaat de zon niet meer onder en wordt het niet meer donker. Zelfs midden in de nacht is het gewoon volop daglicht.

De vaarten

“Op de dag van een vaart vertrokken we van ons hotel naar het kantoor voor een briefing met de gids en de passagiers. Daarna vertrokken we met auto’s naar de rand van het dorp waarna we verder moesten met de snowscooters (Buiten het dorp zijn er geen wegen). Drie grote snowscooters met elk een sledevoertuig erachter. De mand, de branders, de ventilator, de ballon en uiteraard de passagiers moeten allemaal mee. Aan de kust wil het best wel waaien en soms moesten we wel 70km. het land in om een geschikte (met rustige wind) opstijgplek te vinden.

Het was erg ook belangrijk om uit te kienen in welk dal ik goed zou kunnen landen, want de grondploeg moest er voor zorgen dat ze erbij waren met de landing vanwege het gevaar van een ijsbeer. De verantwoordelijkheid van de grondploeg en alles wat op de grond gebeurd ligt altijd bij de gids. Die is ook bewapend met een jachtgeweer en een flairgun voor het geval er een agressieve ijsbeer aanvalt. De piloot is verantwoordelijke in de lucht. Uiteraard is er radiocontact tussen ballon en grondploeg en ook met de verkeerstoren in Longyearbyen. Voor noodgevallen –in de bergen- heeft de piloot nog een satelliettelefoon bij zich”.

Sebe heeft er de nodige onvergetelijke vaarten gemaakt. “Het landschap is schitterend en magisch. Af en toe zagen we rendieren, maar ijsberen hebben we niet gezien. Die zijn niet schuw en lopen soms gewoon door het dorp, maar gaan meestal wel weg als ze harde geluiden horen, zoals een snowscooter of de brander van de ballon”.

Van de vaarten op Spitsbergen verscheen in het plaatselijke weekblad een uitgebreid verhaal, nu ook in het Vaassens weekblad.

Bron: Arrien Scholten